Geplaatst op: 09-02-2020

Aansprakelijkheid bestuurder bij faillissement

Geschreven door:

Hein Kernkamp

Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement

In geval van faillissement is iedere bestuurder jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk is voor het tekort in het faillissement, indien het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement (artikel 2:248 lid 1 BW).

Het is niet noodzakelijk dat het gedrag van de bestuurder de enige oorzaak van het faillissement is, maar het moet daar wel in belangrijke mate aan hebben bijgedragen. Dit zal in het onderzoek van de curator aan de orde komen, en de rechter zal over de aansprakelijkheid oordelen als de curator besluit om de bestuurders aansprakelijk te houden voor het tekort in de boedel.

Aansprakelijkheid bestuurder bij faillissement

Diverse vormen van bestuurdersaansprakelijkheid

In andere artikelen op onze site kunt u lezen over aansprakelijkheid van de bestuurder in het algemeen, de interne aansprakelijkheid van de bestuurder (de aansprakelijkheid van de bestuurder ten opzichten van de rechtspersoon zelf) en de externe bestuurdersaansprakelijkheid (de aansprakelijkheid van een bestuurder ten opzichte van crediteuren).

Misbruikwetgeving

In de jaren '80 was er veel kritiek op klap bv's, die als paddenstoelen uit de grond schoten om snel weer failliet te gaan. De wetgever heeft daartegen maatregelen genomen. Artikel 2:248 BW vormt onderdeel van de derde antimisbruik wet, die is ingevoerd in 1987 om dit soort misbruik van rechtspersonen tegen te gaan. De wet maakt het mogelijk om bestuurders aansprakelijk te stellen voor bepaalde of alle onvoldane schulden van de rechtspersoon.

Het tweede lid van artikel 2:248 BW geeft de curator een belangrijk wapen. Indien een bestuurder niet heeft voldaan aan het bijhouden van een behoorlijke administratie en het tijdig deponeren van de jaarrekeningen, staat vast dat er sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur en er wordt vermoed dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement.

Administratieplicht van bestuurders

Op grond van artikel 2:10 BW is het bestuur van een rechtspersoon verplicht er een deugdelijke administratie op na te houden. Het artikel formuleert het als volgt: 'Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de rechtspersoon en van alles betreffende de werkzaamheden van de rechtspersoon, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de rechtspersoon kunnen worden gekend.'

Zeker bij klap b.v.'s kan de bestuurder geen administratie overleggen. Dan is dus sprake van kennelijk onbehoorlijk bestuur.

Deponering jaarrekening

Uiterlijk 12 maanden na afloop van een boekjaar dient de jaarrekening te zijn gedeponeerd bij het Handelsregister. Indien deponering niet binnen 12 maanden na afloop van het boekjaar plaatsvind staat hiermee ook vast dat er sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur.

Weerlegging bewijsvermoeden

Als stap 1 verkeerd loopt voor de bestuurder (er is sprake van onbehoorlijk bestuur), kan hij in stap 2 nog altijd het bewijsvermoeden van artikel 2:248 BW weerleggen.

De weerlegging van het bewijsvermoeden kan geschieden doordat de aangesproken bestuurder aannemelijk maakt dat andere feiten of omstandigheden dan de kennelijk onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement zijn geweest. Daarnaast bepaalt artikel 2:248 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek dat de bestuurder die bewijst dat de kennelijk onbehoorlijke taakvervulling niet aan hem te wijten is en dat hij niet nalatig is geweest, niet aansprakelijk is.

Onrechtmatige daad

Bestuurders kunnen ook aansprakelijk worden gehouden wegens onrechtmatige daad, zoals bijvoorbeeld bij betalingsonwil, het aangaan van verplichtingen terwijl de bestuurder wist of behoorde te weten dat de verplichtingen niet konden worden nagekomen, of bij selectieve betaling. Zie daarvoor ons artikel over bestuurdersaansprakelijkheid wegens onrechtmatig handelen van de bestuurder.

Raadpleeg een advocaat

Een geschil met de curator gaat al snel over het volledige tekort in de boedel. Dit soort zaken kennen dus een hoge inzet en kunnen dus grote gevolgen hebben. Laat u dus tijdig adviseren, liefst voordat sprake is van een faillissement. Onze advocaten adviseren en procederen regelmatig over bestuurdersaansprakelijkheid en kunnen op korte termijn adviseren, als dat nodig is. Bel ons voor het maken van een afspraak voor een vrijblijvend informatief gesprek, waarin wij u kunnen aangeven wat wij voor u kunnen betekenen. Ons motto is niet voor niets: 'Uw probleem, onze zorg.'

Meer informatie?

Hein Kernkamp helpt u graag verder.

Bedrijfsgegevens

KvK: 74640518

BTW: NL859977602B01

IBAN: NL37ABNA0844817805

Adresgegevens

Minerva Advocaten B.V.

Meent 106

3011 JR Rotterdam

© 2020 Minerva Advocaten B.V.

Algemene Voorwaarden Klachtenregeling Privacy

Wij gebruiken cookies om onze website te verbeteren en analyseren.

Akkoord